Inloggen

Wachtwoord vergeten?

Natuur

Zijn er écht geen reislustige bretelletjes?

De bretelzakpijp is een onmiskenbaar organisme. Doorzichtigheid, gecombineerd met strakke witte of lichtgele lijnen, zorgen voor een niet-Nederlands uiterlijk. Toch komen ‘bretelletjes’ van oudsher in de Noordzee voor. Uit de Nederlandse kustwateren kennen we de soort pas sinds 2006, van één kleine locatie in de Delta. Er lijkt geen sprake van uitbreiding. Tijd voor een zoekactie.

Zakpijpen zijn zakvormige dieren die in volwassen vorm op een vaste plaats en meestal op een harde ondergrond voorkomen. Ze hebben gescheiden instroom- en uitstroomopeningen, waarmee ze zeewater filteren. Voedseldeeltjes, vooral plankton, worden door de kieuwkorf uitgezeefd. In Nederland leven meerdere soorten zakpijpen. Sommige soorten leven als vrijstaande individuen. De maximumgrootte van deze soorten varieert van 1 tot circa 13 centimeter. Andere soorten leven juist in kolonies, waarbij de met elkaar vergroeide exemplaren soms maar enkele milimeters groot zijn en hele plakkaten vormen. Doorgaans leven zakpijpen op harde substraten, zoals stenen of scheepswanden, maar ook op wieren en andere organismen kunnen ze zich vestigen.

Bretelzakpijpen of bretelletjes (Clavelina lepadiformis) leven in kolonies, maar hebben daarbinnen toch vrijstaande lichamen. Alleen aan de onderkant zijn ze onderling verbonden door takachtige structuren (stolonen), waaruit ook weer nieuwe exemplaren kunnen voortkomen. Het lichaam van een afzonderlijk individu kan tot circa 20 millimeter hoog worden. De doorsnede is dan 5 millimeter.

De dieren zijn transparant en steeds voorzien van duidelijke pigmentlijnen. Deze lijnen zijn doorgaans wit, maar kunnen ook (licht)geel zijn. Ook het transparante lichaam kan een gele waas hebben, in oude literatuur wordt de soort daarom ook wel gele zakpijp genoemd. Aan de bovenkant van het lichaam, rond de instroomopening, bevinden zich twee ringen onder elkaar. Bovendien is er één ring rond de uitstroomopening. Vanaf de onderste ring op de instroomopening loopt een dikke lijn naar de basis van het lichaam. Vaak is er ook nog een tweede dunnere lijn te zien, die van boven naar beneden loopt. De lijnen doen, zoals de naam aangeeft, denken aan bretels die een broek ophouden. Wanneer de dieren met een duiklamp worden beschenen, is het net alsof de lijnen en ringen zelf licht uitstralen. Om die reden wordt soms ook wel gesproken van het gloeilampje of de gloeilampzakpijp.

Bretelzakpijpen aan de zijkant van een ponton in de jachthaven van Burghsluis. Foto: Frank Perk.

Voorkomen
De bretelzakpijp komt voor in zeegebieden van Trondheim in Noorwegen tot de Azoren en de Adriatische zee. Binnen het Nederlandse deel van de Noordzee is deze zakpijp bekend van circa zes wrakken ver uit de kust. Sinds 2006 leeft er één populatie aan de noordkant van het meest westelijke deel van de Oosterschelde, in het jachthaventje bij Burghsluis. Van buiten het haventje (op de strekdammen) zijn ook nog enkele waarnemingen bekend, maar verdere meldingen binnen de Zeeuwse Delta en het Noordzeekustgebied zijn tot op heden niet gedaan. Dat is opvallend, want waarom zou de soort het ook niet goed kunnen doen op andere beschutte plaatsen in de Oosterscheldemonding? Er zijn genoeg haventjes waar pontons liggen en waar de omstandigheden, zoals temperatuur, zoutgehalte en variaties daarin, overeenkomen met die van het haventje in Burghsluis.

Zoekactie
Vanwege het zeer beperkte gebied waarbinnen de bretelzakpijp ‘ingesloten’ lijkt te zitten, is Stichting ANEMOON een zoekactie begonnen. Daarbij roepen we iedereen op uit te kijken naar deze opvallende soort. De zomer is, ook vanwege de temperatuur, hét seizoen om te gaan zoeken. Het mooist uitgegroeid zijn de kolonies overigens pas tegen de herfst. Ook niet-duikers kunnen eenvoudig helpen met zoeken. Gezien de huidige vindplaats, zijn bretelletjes waarschijnlijk het gemakkelijkst waar te nemen aan de zijkanten van drijvende pontons in jachthavens die met het getij meebewegen. Vanaf het ponton zijn ze gemakkelijk onder de waterspiegel te herkennen. Veel mensen hebben tegenwoordig een spatwaterdichte actiecamera, waarmee de dieren gemakkelijk zijn te fotograferen, zoals de foto’s bij dit artikel bewijzen.

Waarnemingen doorgeven
Waarnemingen zijn bijzonder welkom en kunnen worden doorgegeven via anemoon@cistron.nl. Ze kunnen ook gemeld worden via Waarneming.nl of Telmee.nl. Graag mét foto.

Tekst: Adriaan Gmelig Meyling, Stichting ANEMOON, met dank aan Frank Perk voor het verstrekken van informatie en artikelen uit het Zeepaard, het tijdschrift van de Strandwerkgemeenschap
Foto’s: Frank Perk, Stichting ANEMOON en de Strandwerkgemeenschap

Anemoon Stichting logo RGB_websiteDit artikel is uitgebracht door Stichting ANEMOON en met toestemming overgenomen van Nature Today.

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Velden met * zijn verplicht *

Nieuwsbrief